Ring- en Sjeesrijden

Ringrijden

Ringrijden is een liefhebberij waar je nooit over uitgepraat raakt. Een prachtige volkssport in Zeeland, met name Walcheren waaraan liefhebbers van traditie en paarden aan meedoen. Een dagje ringrijden is een dagje terug in de tijd. 3e Pinksterdag is ringrijden in Nieuwland.


Tussen 07.00 uur en 08.00 uur 's morgens komen de geslinterde (versierde) paarden (traditionele trekpaarden) de ringrijdersbaan in. Kletterende hoeven op de klinkers van de opgewonde paarden die even wennen aan de even opgewonde/zenuwachtige ringrijder. Voor 08.00 uur mogen de rijders nog even oefenen en een aantal keer te paard door de baan. De eerste spanning is eraf. Vanaf 08.00 uur rijdt iedereen per drietal door de baan en als men raak steekt, schrijft de "schrijver" een rechtopstaand streepje op het bord. Is het mis, een liggend streepje. De rijders rijden volledig in witte kleding met een oranje sjerp over de rechter schouder. De leider van het dagklassement draagt ook een groene sjerp. De bedoeling is om op een ongezadeld paard zoveel mogelijk ringen te steken. Totaal rijdt iedereen 30 beurten. De te steken ringen heeft een diameter van 38 mm en dient op een lans geregen te worden. De ringrijdersbaan is 36 meter lang en 1 meter breed. Precies in het midden staan 2 poengers met een touw ertussen. Hieraan hangt de ring.

Tijdens de dag zijn er prijzen en bekers te winnen die geschonken worden door de ondernemers in de buurt. Ook de Burgemeester en Ambachtsheer schenken een beker en reiken deze ook uit. Uiteraard wint de gene met de meeste ringen de beker van het dagklassement. Ook bijvoorbeeld de pollepel met bijbehorende bessenjenever is een felbegeerde prijs. Deze prijzen worden eind van de dag vaak uitgekampt op een steeds kleiner wordende ring. De kleinste ring is 10 mm.
De winnaar van de dag wordt gejonast. Hij of zij wordt dan naar het midden van de baan gedragen en 3 maal de lucht in gegooid. Tijdens het dragen van de "gelukkige" wordt er gezongen;
"Honderd jaar na deze,
zullen we niet beleve.
Honderd jaar geleden in de gloria,
In de gloria in de gloria."

In Nieuwland staat plezier en gezelligheid voorop. Een dagje ouderwets contact met je dorpsgenoten.
Toch is er ook wedstrijdelement aanwezig. In 1950 is er door de Zeeuwse Ringrijders Veriniging een ware competitie opgezet. Ieder lid van deze ZRV kan op de speciaal georganiseerde klassewedstrijden promoveren en degraderen van de 4e- tot de Ereklasse. Men strijd dan in een 3-tal van jouw dorp tegen andere dorpen. Van Nieuwland rijdt er 1 drietal in de 2e klas en twee drietallen in de 4e klas.

Omdat ringrijden een eeuwen oude traditie is begrijpt u dat deze dag vol oude regels en gewoonten zit. Al deze historische weetjes en verhalen omtrent de ringrijderij in Nieuwland staan bij "historie".



1e alinea van het rinkrieersgedicht:
't Is Pienkster drie en eel 't durp is blie,
je moe noe bie ons mar is komme.
De pearen bin geslinterd, gin een is'ter bie,
zonder roze op z'n staert of n blomme.
De joengere, ze lache en kieke zo fier
en de guus en de ouwere; 't ei aoles plezier.
Komt'r bie a je kunt,
zo medeem as't begunt.
Zoek'n plekje an de touwe an de baene!



Sjeesrijden

Rond 1980 werd er ook in Nieuwland actief sjees gereden. Rond de kerk in Nieuwland kon een mooie ronde gereden worden en per ronde 3 maal de ring gestoken worden.

Bij sjeesrijden zit men in tegenstelling tot ringrijden niet óp het paard, maar in een mooi versierde kar (sjees) achter het paard. Hierin wordt het paard gemend door de boer en de ring gestoken met een kleine lans, door de boerin. De paarden met de sjezen erachter rijden gewoon over de straat en gaan per beurt één ronde, waarbij er op de rechte stukken van bijvoorbeeld de kerkring een ring word gehangen op 2,10 mtr. hoogte. Meestal heeft het sjees-duo dan 3 maal de kans een ring te steken. Aan het einde van de ronde wordt een bordje omhoog gehouden met het aantal gestoken ringen van de laatste ronde.

Zowel het paard als de sjees worden prachtig versierd. De bloemen e.d. die hiervoor gebruikt worden moeten echt zijn en dus geen kunstbloemen. De oude sjezen, vaak nog met houten wielen denderen dan door de straten en zorgen voor een prachtig schouwspel. De regel is dat het paard moet draven onder de ring.

De boer en boerin zijn altijd aangekleed in boerengoed. Soms is er maar plaats voor 2, de boer en boerin, soms ook voor de kinderen. Ook zij gaan vaak mee in boeren klederdracht. In Nieuwland is tot ongeveer 1990 sjees gereden. Een paar prachtige foto’s van Nieuwlanders die hieraan toen deelnamen kunt u zien in het 'kopje' foto-album. Op dit moment zijn er ook enkele Nieuwlanders(onderstaande foto’s) die aan sjeesrijden deelnemen tijdens demontraties op Walcheren, maar dus niet op Nieuwland.


Ruud Mesu.